|
op hoogen toon sprak
en gebiedende gebaren maakte. Passepartout trad nader en hoorde den
opzichter zeggen:
"Men kan er onmogelijk over. De brug van Medicine-Bow is gebroken en
zou het gewicht van den trein niet kunnen dragen."
De brug, waarvan sprake was, was een hangende brug over een waterval,
en op een mijl afstands van de plaats waar de trein nu ophield. Volgens
den opzichter dreigde hij op meer dan een punt ineen te storten, daar
er verscheidene koorden gebroken waren, en het was niet te wagen om
er overheen te gaan. De opzichter overdreef dus in het geheel niet,
toen hij zeide, dat men er niet over kon. Bovendien met het oog op de
gewone zorgeloosheid der Amerikanen, zou het, nu zij voor een enkele
maal voorzichtig wilden zijn, eene dwaasheid wezen dit niet te zijn.
Passepartout durfde zijn meester dit niet te gaan mededeelen; hij
hoorde met zijne tanden op elkaar gedrukt en zoo onbeweeglijk als
een standbeeld alles aan.
"Zeg eens," riep kolonel Proctor, "wij hebben toch geen plan om hier
in de sneeuw wortel te schieten."
"Kolonel," antwoordde de conducteur, "men heeft naar het station
Omaha geseind om een trein, maar het is niet waarschijnlijk dat deze
te Medicine-Bow voor zes uur aankomt.
"Zes uur!" riep Passepartout.
"Ongetwijfeld," antwoordde de conducteur. "Ook hebben wij dezen tijd
wel noodig om te voet naar het station te gaan."
"Maar het is maar een mijl hier van daan," merkte een der reizigers op.
"Ja, een mijl, maar aan den anderen kant der rivier."
"En kan men deze rivier met een boot oversteken?" vroeg de kolonel.
"Onmogelijk. De kreek is door den regen gezwollen. Het is een
waterval en wij zouden dus genoodzaakt zijn een omweg van tien mijlen
noordwaarts te maken om eene doorwaadbare plaats te vinden."
De kolonel gaf aan een reeks van vloeken lucht, deels tegen de
reizigers, deels tegen de conducteurs, en Passepartout, die ook woedend
was, had zeer veel lust om hem daarin gezelschap te houden. Hier
had zich een materieel bezwaar opgedaan, waarop alle banknoten van
zijn meester schipbreuk moesten lijden. Alle reizigers waren dan
ook teleurgesteld, daar zij, behalve hun oponthoud te rekenen, zich
genoodzaakt zagen vijftien mijlen door met sneeuw bedeke vlakte af te
leggen. Er ontstond eene wisseling van uitroepingen en verwenschingen,
die ongetwijfeld Fogg's aandacht zouden getrokken hebben, zoo hij niet
verdiept ware geweest in zijn spel. Toch was Passepartout genoodzaakt
om
|