|
van de vaderlandse Kerk in het lot, dat
de Nederlandse Joodse gemeenschap thans heeft te dragen.
Ook wij zullen U wederkerig in onze gebeden gedenken en voor onze ogen houden het
Psalmwoord 145 vers 19.
(handtekening onleesbaar)
<83>
De woorden van dit psalmvers luiden: "Hij vervult de wens van wie Hem vrezen,
Hij hoort hun hulpgeroep en verlost hen." [5.9]
Een aantal predikanten die - naar aanleiding van de afkondiging op 19 april -
over Jodenvervolgingen gepreekt hadden, werden gevangen genomen; onder hen was
de latere hoogleraar A.A. van Ruler.
f. De bordjes "verboden voor Joden"
Het was het Duitse plan om de Joden steeds meer te isoleren. Daartoe moest een
bordje "Verboden voor Joden" worden aangebracht op alle openbare gebouwen. Ook
de kerkgebouwen vielen daar onder. Niet alleen was de zondagse kerkdienst een
openbare aangelegenheid en voor iedereen die dat wenste toegankelijk, maar bovendien
werden in de kerkgebouwen door de week vergaderingen van diverse verenigingen
en clubs gehouden.
In het archief vond ik een brief van de "Raden der Gereformeerde Kerken van
Metslawier en Nijawier", die aan hun burgemeester schrijven:
Als antwoord op de mondeling namens U gedane mededeling betreffende het aanbrengen
van het z.g. Jodenbordje aan de consistorie of leerkamer, moge het volgende dienen:
a. dat de kerkenraad der Geref. Kerk en van Metslawier en van Nijawier tegen deze
aanbrenging principieel bezwaar heeft - de kerk van Christus mag geen onderscheid
naar ras maken - en deze dies wil voorkomen;
b. in afwachting van het resultaat der besprekingen van deputaten voor de
correspondentie met de Hoge Overheid te Den Haag daarom heeft besloten voorlopig
alleen toegang tot bedoelde leerkamer te verlenen aan vergaderingen van hen,
die als zuiver kerkelijk of zendingscollege of jeugd onder kerkelijk toezicht
staan. [5.10]
Men kreeg in Den Haag van diverse kerkenraden verzoeken om advies. Het eerste
antwoord was - zowel van de Algemene Synodale Commissie van de Hervormde Kerk
als van Gereformeerde deputaten - dat "op een voor christelijke doeleinden
bestemd gebouw het bewuste bordje principieel niet kan worden toegelaten, omdat
het is een verloochening van het Evangelie."
<84>
Werd een aan de kerk behorend gebouw ook gebruikt voor niet-kerkelijke activiteiten
(waarvoor het bord bevolen werd), dan moesten die voortaan achterwege blijven,
liever dan dat men het bordje plaatste. Ook concerten of sport-activiteiten
|